A new poem by Alara Adilow.

Papa was a rolling stone

De straat kronkelde door het oog van de avond. 
Meisjes en jongens bij de speeltuin,
we haalden sterrennevels uit de halve whiskeyfles. 
Kleedden onszelf daarin
zweerden nooit van steen te worden,
zweerden nooit te gaan werken, zweerden nooit vervreemd te raken. 
Maar kijk ons nu dan?
Onze lichamen zijn gebroken beloftes

Mama zei dat ik vroeg thuis moest zijn
Ik klom uit het raam
Deed mijn kleren uit en legde mijzelf neer in jouw onvrede. 
Zou erin walsen tot het genot werd.
Dit zweerde ik. Mijn borsten vol met zomernachten. 
Ik lieg nooit.
Spinnen der herinnering kropen rond in onze slaapkamer

Twijfel alsjeblieft niet over mijn ontfermen over jou
Ik zou je gezicht betasten met deze hand die uit rot fruit kiemde. 
Ik zou dansen alsof ik nooit iets had verloren. Zou vergeten 
dat er een zonsondergang wacht
aan de eind van deze lange straat.